Cochin, 1, 2 januari

Theeplantage Het is een lange rit naar Cochin. We doen maar liefst 5 uur over een afstand van ca 200 km. Langs de weg wordt thee (orange pekoe), rubber en ananas verbouwd. Er wordt momenteel nergens gewerkt aangezien het nieuwjaarsdag is.

De beste thee wordt met de hand geplukt, waarbij de plukster de bovenste drie blaadjes plukt. Andere manieren zijn machinaal, maar dan kun je ook 4 of 5 blaadjes meenemen. De beste thee wordt geëxporteerd. Hier in India is pas vanaf de 4e kwaliteit verkrijgbaar.
Koffie wordt hier ook verbouwd. Oorspronkelijk liet men de koffieplant uitgroeien tot een boom, en klom men in de boom om te oogsten. Van de Engelsen leerde men hoe men de plant laag kan houden, als een struik. Dat oogst een stuk makkelijker. In de buurt van de backwaters begint het landschap langzaam te veranderen. Er groeien hier overal palmbomen langs de kant van de weg.

CochinMen is hier duidelijk rijker. Je ziet het aan de wegen, de huizen, auto's, reclameborden (luxe goederen i.p.v. eerste levensbehoeften), en winkels. Er zijn veel winkels voor mobiele telefoons en sierraden, maar ook bv. een speciaalzaak voor diervoeding. Cochin zelf is een grote, drukke stad met vierbaanswegen. Je ziet hier dan ook geen koeien en geiten meer op de weg. Dat komt pas weer als we op weg gaan naar fort Cochin.

Vervallen huis Geit voor vervallen deur
De stad is in een lagune gebouwd, dus we moeten per ferry de oversteek maken. Na een half uurtje stappen we aan wal van wat haast een andere stad lijkt. De weldadige luxe heeft hier ruimte gemaakt voor het armere India. Een wandeling naar het 'Dutch palace' voert ons langs vervallen doch zeer fotogenieke gebouwen.

Om bij de joodse synagoge te komen moet je door een soort 'tourist trap'; aan beide zijden winkeltjes met kleden, houtsnijwerk, bronzen beelden, kortom alles wat zij denken dat de toerist wenst. Ik moet zeggen dat de kwaliteit hier zo'n beetje alles wat ik op deze vakantie heb gezien overtreft. Weinig kitsch en veel antiek aandoend materiaal.

Chinese vissersnettenDe Nederlandse begraafplaats blijft voor ons gesloten. Dan maar op weg naar de beroemde Chinese vissersnetten. Deze netten worden middels een hefboom in het water gelaten, en na enige tijd snel weer opgehaald. Alle vis die boven het net zwemt wordt gevangen. Er zijn toch wel een paar man nodig om de netten in beweging te krijgen.
We wachten hier ook op de zonsondergang. Die schijnt mooi te (kunnen) zijn. Het is een beetje heiïg dus we weten nog niet of het wat wordt. Het is hier een soort kattenparadijs. Er blijft zoveel vis achter waar de vissers geen belang bij hebben dat er een hele kattenpopulatie op kan leven, en zo te zien ook nog een aardige groep kraaien.

De paar honden die er liggen te zonnen zien er ook goeddoorvoed uit. Je moet altijd voorzichtig zijn met vreemde honden doch als ik voorzichtig bij ze neerhurk komen ze alle drie overeind om mij enthousiast te begroeten. Als ik op een terrasje een biertje bestel krijg ik hem in een mok. De eigenaar heeft geen drankvergunning, dus moet het een beetje 'stiekem'. Verderop kom ik een bord met steunbetuiging aan de onlangs opgehangen Saddam Hoessein tegen. Voor een aantal mensen hier was hij toch een soort held.

's Avonds eten in het zeer luxueuze Taj hotel. Als we toch in zo'n rijke stad zijn moeten we het er even van nemen. Uitgebreid gedineerd met life muziek voor 9 euro.

Backwaters 3, 4 Januari

De Backwaters De Backwaters
In Allepey stappen we op de boot voor een drie uur durende tocht door de backwaters naar het resort in Thiruzunnapuzha. De omgeving is prachtig hier. Overal staan bananen- en kokospalmen. Verderop zien we rijstvelden. De bevolking leeft naast en in het water. De (af)was wordt er in gedaan, mannen duiken naar de bodem om zand te winnen voor de huizenbouw.

Corridor van olielampjesOp een gegeven moment horen we muziek uit luidsprekers komen. Het lijken meerdere luidsprekers, aangestuurd vanaf één punt. Ons resort ligt helaas ook binnen het bereik van de luidsprekers. De muziek wordt over de omgeving en dus ook over ons uitgestort. Bij elke pauze hopen we dat het afgelopen is. De kraaien die zich in de palmbomen genesteld hebben proberen met hun gekrijs de muziek te overstemmen.
Het blijkt te maken te hebben met een tempelfestival. 's Avonds om 21:30 is het slotfestijn. Samen met Ravi, onze nieuwe gids, gaan we kijken. Als we aankomen, zien we een prachtig versierde olifant door een corridor van olielampjes in de richting van de tempel lopen. Vervolgens volgt een dans waarbij een beeld op een stoel, voorstellende de duivel, wordt verdreven door Shiva. Het geheel wordt afgesloten met vuurwerk.

Kokosvezels spinnen tot touw Vader met zoontje (met vingerpoppetje)
Een wandeling door het dorp geeft enig inzicht in het dorpsleven. De bevolking is uiterst vriendelijk, niet alleen groeten ze vriendelijk doch laten ze het ook toe als we op hun "erf" komen. Sterker nog, in veel gevallen nodigen ze ons zelfs uit te komen kijken. Overal wordt de vezel van de kokosnoot gevlochten tot draden op een soort spinnewiel. Een beetje vergelijkbaar met de manier waarop bij ons wol wordt gespint. De draden worden later gebruikt om kokosmatten van te vlechten.

Saskia deelt vingerpoppetjes (een soort pluchen knuffels) uit aan de kleintjes. De kinderen zijn er dolgelukkig mee.

We lopen wat kleine paadjes in, die meestal doodlopen. Zo kan het gebeuren dat we door een brede sloot gescheiden zijn van een groepje vrouwen, dat ons uitnodigt te komen kijken. We hebben echter geen idee hoe we daar moeten komen. Een klein meisje neemt het initiatief en rent dwars door een veld kokospalmen naar ons toe. Wij besluiten om dan maar dezelfde weg te volgen. We komen bij wat een soort lokaal restaurant lijkt en worden uitgenodigd te gaan zitten. De vingerpoppetjes zijn inmiddels op maar Saskia heeft nog wel vellen met stickers. Nadat Saskia wat foto's heeft genomen van de vrouwen (digitale camera's blijven fascineren) besluiten we verder te gaan.

Grond winnenZo worden we ook nog uitgenodigd bij een moslimfamilie. Er worden bananen en frisdrank op tafel gezet. De bananen durven we nog wel te eten, doch voor de frisdrank bedanken we liever. Als het met leidingwater is gemaakt kunnen we er behoorlijk ziek van worden. We vinden het we heel vervelend dit te moeten weigeren.
Mannen zijn bezig de vruchtbare bodem van de rivier naar boven te brengen. Daarvoor moeten wel eerst wat waterplanten geruimd worden.
Bij een schooltje zijn de kinderen wederom dol-enthousiast als ze ons zien. Ze vragen om pennen doch die hebben we niet meer.
Tegen het einde van de middag maken we nog een tochtje met een punter door de wat smallere kanalen van de backwaters. Dan blijkt ook dat er -iets minder idyllisch- een soort elektriciteitscentrale vlak bij ons resort te liggen.
De geplande zonsondergang aan de Arabische zee gaat de mist in wegens een volkomen bewolkte lucht. (dat wil zeggen: de zon gaat wel onder, maar we zien het niet)

Kovalam, 5, 6 Januari

Kovalam heeft de naam een van de mooiste stranden van India te hebben. Het uitzicht is zeker mooi, en het zand is geel, wat niet overal het geval is. Het is in ieder geval ook een strand met een aantal van de meest opdringerige strandverkopers. In het uurtje dat ik er heb gelegen heeft men mij bananen, salades, hoeden, trommels, shawls, sari's en nog meer proberen aan te smeren. Gewoon nee zeggen, of doen alsof je slaapt helpt niet. Ze blijven gewoon bij je strandstoel staan wauwelen. Ook komen ze meerdere malen terug. Op een terrasje gaan zitten is wel een goede methode om ze te ontlopen, en terrasjes zijn hier gelukkig in overvloed. Met een koud biertje (uit een mok) zit ik te genieten van een mooie zonsondergang. De Indiërs komen nu zelf ook naar het strand. Zij zijn zo verstandig om op het heetst van de dag weg te blijven. De vrouwen gaan met kleding en al in de zee. De strandwacht is alert op mensen die te ver in zee gaan want de stroming schijnt hier behoorlijk sterk te zijn.

Een wandeling naar het vissersdorp maakt duidelijk dat er achter de (luxe) hotels weer het arme, India ligt. De huizen zijn uiterst simpel. Dat Kovalam voor een groot deel op toeristen leeft blijkt ook uit de opdringerigheid van de jochies die om pennen en allerlei andere zaken vragen. Ze stoten je gewoon aan, en als blijkt dat je geen pennen hebt kijken ze haast boos.
We zien hoe vis met boten wordt binnengebracht, maar ook met netten aan lange touwen op de kust wordt getrokken. De vis wordt ter plekke verhandeld.
Christenen, moslims en hindoes leven hier gescheiden in hun eigen wijken met hun eigen visafslag.
Vissers Visnet aan lang touw Gevangen vis

Kodaikanal, Thekkady   Madurai, mamallapuram